Die dynamiek zien we vaker. Bij de komst van een windmolenpark, een hoogspanningsstation, en vooral bij AZC’s. Een lokaal besluit, hoe afgewogen dan ook en genomen met betrokkenheid van burgers en ondernemers, wordt een nationaal strijdtoneel. Politieke partijen positioneren zich, de populisten onder hen komen zelf langs om het vuurtje op te porren. Journalisten duiken daar weer op. Sociale media versterken het negatieve sentiment. Vooral tegenstanders komen aan het woord. Bestuurders, die nog midden in een zorgvuldig besluitvormingsproces zitten, belanden in een krachtenveld dat ze niet meer beheersen.
Media spelen hierbij een cruciale rol. Ze geven bewoners een stem, brengen zorgen aan het licht en houden bestuurders scherp. Dat is hun democratische functie en die is onmisbaar. Zonder publieke aandacht zou menig besluit geruisloos passeren, zonder dat alternatieven of gevolgen zichtbaar worden gemaakt.
Tegelijkertijd is framing zelden neutraal. Een dossier dat wordt gepresenteerd als ‘onrecht’ of ‘minachting voor de regio’ polariseert sneller dan een dossier dat wordt neergezet als ‘lastige maar noodzakelijke afweging’. Het eerste mobiliseert verontwaardiging, het tweede nodigt uit tot gesprek. In een tijd waarin ruimtelijke opgaven steeds vaker botsen met lokale belangen, maakt dat verschil.
De reflex is vaak om media-aandacht te zien als oorzaak van polarisatie. Soms kan media-aandacht polariserend werken. In een item voor radio of tv van een paar minuten is nou eenmaal weinig plaats voor genuanceerde berichtgeving en duiding.
Sommige journalisten zijn juist op zoek naar de rel, zoals die verslaggever van PowNed die in Moerdijk nou net de enige raadspartij aan het woord liet die tegen stemde.
'Zonder publieke aandacht zou menig besluit geruisloos passeren'
Maar de kiem van polarisatie kan ook liggen in onduidelijke communicatie of het ontbreken van één samenhangend verhaal. Waar procedures parallel lopen en afspraken niet zichtbaar doorwerken, ontstaat ruimte voor wantrouwen.
Bij dossiers als Moerdijk, of rond AZC’s, draait het uiteindelijk om dezelfde vraag: hoe ver reikt het nationale belang in de lokale leefomgeving? Dat is geen vraag die verdwijnt door minder aandacht. Maar het is wel een vraag die gebaat is bij meer context.
Volgens mij ligt de opgave dus niet in minder berichtgeving, maar in betere duiding. En in bestuurders die blijven uitleggen — ook als het ingewikkeld wordt.


