Krokodillentranen

Woningbouw Omgevingswetgeving
Auteur Jaco Boer

01 december 2025 om 20:44, Leestijd ca. 3 minuten

Dat de particuliere huursector slinkt, wordt in Den Haag als crisis geframed. Maar achter het lawaai van beleggers en hun lobby schuilt een ander verhaal: duizenden starters konden voor het eerst in jaren weer een woning bemachtigen. Dat ‘verlies’ is vooral winst.

Vorige week maakte het Kadaster bekend dat de particuliere huursector in de afgelopen twee jaar met 11 procent is gekrompen. In de media en de Tweede Kamer werd daar geschrokken op gereageerd. Dat door deze correctie op de woningmarkt meer jongeren eindelijk een betaalbare woning konden kopen, blijft teveel onderbelicht.

Ik erger mij al een tijdje aan de manier waarop veel landelijke media de ontwikkelingen in de particuliere huursector verslaan. Met alarmerende verhalen over woningzoekenden die nog moeilijker aan een woning kunnen komen, volgen teveel journalisten slaafs het (succesvolle) frame van particuliere beleggers. Die laatste groep zag zijn rendement op de verhuur van woningen dalen door recente wetgeving en een hogere overdrachtsbelasting en schreeuwt daarover moord en brand.

Na jaren waarin kapitaalkrachtige beleggers dankzij fiscaal gunstige regels de appartementen voor de neus van koopstarters hadden weggekaapt, zijn de rollen nu omgedraaid

Inderdaad: sinds de Wet betaalbare huur op 1 juli 2024 van kracht werd, mogen particuliere verhuurders niet langer voor hun woningen vragen wat de gek ervoor geeft. Vooral in de grote steden werden veel kleine en slecht onderhouden appartementen voor woekerprijzen aan wanhopige huurders aangeboden. Mensen die snel een woning nodig hadden en niet in de sociale huursector of op de koopmarkt terecht konden, waren overgeleverd aan de grillen van deze pandjesbazen. Voormalig minister Hugo de Jonge was deze wildwesttoestand een doorn in het oog. Hij stelde na uitputtend overleg met de sector voor een groter deel van de huurmarkt een huurplafond in. Appartementen die volgens het woningwaarderingsstelsel minder dan 186 punten waard zijn, mogen dit jaar niet meer boven de 1.150 euro per maand worden verhuurd. In combinatie met de hogere overdrachtsbelasting en een plan om beleggingen in box 3 zwaarder te belasten, is woningverhuur voor veel kleine beleggers daardoor minder aantrekkelijk geworden: de afgelopen twee jaar deed een flink aantal van hen hun panden van de hand. Volgens het Kadaster ging het om 35.000 appartementen: de particuliere huursector kromp met 11 procent.

Het Kadaster was wel zo eerlijk om te vertellen dat het gros van de afgestoten huurwoningen door jonge starters was gekocht. Na jaren waarin kapitaalkrachtige beleggers dankzij fiscaal gunstige regels deze appartementen voor hun neus hadden weggekaapt, zijn de rollen nu omgedraaid. Dat kun je ook beschouwen als een gezonde correctie op ongewenste marktontwikkelingen in plaats van een dramatisch verlies.  

Het frame van de vastgoedlobby is hardnekkig, de Tweede Kamer tuint erin

Helaas blijkt het frame van de vastgoedlobby hardnekkig. Zo stemde afgelopen week een meerderheid in de Tweede Kamer in met het schrappen van de hogere belastingen in box 3 om particuliere verhuurders tegemoet te komen. Ook ging ze akkoord met een debat in januari over het eventueel aanpassen van de Wet betaalbare huur. Demissionair minister Keijzer wil de regels zodanig aanpassen dat juist in gespannen woningmarkten – lees de grote steden – als vanouds hogere huren mogen worden gevraagd. Ze haalt daarmee de kern uit de wet en geeft particuliere beleggers opnieuw ruim baan om woekerhuren te vragen aan huurders die geen kant op kunnen. De portemonnee van pandjesbazen is voor haar (en een deel van de Tweede Kamer) blijkbaar belangrijker dan het betaalbaar houden van de woningvoorraad.

Gerelateerde Artikelen
Schrijf u in voor de nieuwsbrief Elke week het laatste nieuws over ruimtelijke ontwikkeling in uw inbox.
Link gekopieerd naar klembord